Il est cinq heures

“De bovenverdieping is te klein”, “de keuken is disproportioneel groot”, “al het behang moet eraf”, “het bad is zo klein”. Mijn huis staat sinds 10 dagen te koop. Vier kijkers kwamen, keken, maar overwonnen niet hun twijfel om te kopen. Ikzelf ben intussen een dweil. Omdat ik er de hele dag één in de hand heb voor al die bezichtigingen, maar ook vanwege de zorgen die gepaard gaan met de verhuizing naar Parijs. Wordt het huis op tijd verkocht en zo ja tegen welke prijs? Hoe overleven mijn dorpse kinderen in de metropool? Zal ik mijn man daar ooit nog zien voor 22.00 uur ’s avonds? En last but not least: wat ga ik daar in hemelsnaam doen? Moi?

Toen ik 16 was ging ik voor het eerst naar Parijs, op schoolreis. Vijf VWO, nooit buiten Limburg geweest, nooit langer dan een nacht van huis, ging ik 5 dagen naar Parijs. Ik kon ook kiezen voor Londen of Berlijn. Londen viel af omdat daar geen enkele leuke jongen op intekende. Berlijn viel af omdat ik bang was in Oost-Berlijn gegijzeld te worden. Parijs daarentegen had alles: de taal, de romantiek, de kunst, de muziek.

De bus zou om 7.00 uur vertrekken en mijn wekkerradio begon om even over 5.00 uur te spelen. En, het is echt waar, ik werd wakker met Jacques Dutronc’s ‘Il est cinq heures’. Vanaf dat moment dacht ik: Parijs en ik zijn voorbestemd. De busreis was één groot feest, de jeugdherberg één grote viezigheid. Maar wat maakte het uit. Op dag 1 ontmoette ik een Colombiaan die ik vertelde 18 te zijn, waarop hij me meldde dat ik de liefde van zijn leven was en we konden trouwen. Op dag 2 vertrok hij en namen we hartstochtelijk afscheid. Op dag 3 bezocht ik een tentoonstelling van Monet en werd verliefd op de jongen die al een uur naast me zat, kijkend naar de Waterlelies. Op dag 4 beklom ik samen met vrienden de Eiffeltoren en speelden we scènes uit View to a kill na. Om uiteindelijk op dag 5 uitgeput in de bus terug naar huis te stappen in het besef dat ik zo snel mogelijk op kamers zou moeten zien te geraken.

Ik ging op kamers, studeerde, af, werkte, stopte voor de kinderen, begon een beetje voor mezelf en werd op een ochtend wakker in Suburbia. Niet in Limburg. Maar het scheelde niet veel. Dat was de dag waarop mijn man thuis kwam met de mededeling: “We kunnen naar Parijs”. En wat zou het toch mooi geweest zijn als ik toen weer Jacques Dutronc gehoord had. Gewoon, als een teken van predestinatie: Parijs + ik = <3. Maar waarom vergeefs wachten op een goddelijk teken als je zelf je leven bepaalt? Youtube to the rescue!

Al zingend dweil ik voor de zoveelste keer de keuken voor de zoveelste bezichtiging. Nous allons! Hoe. Dan. Ook.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInPin on PinterestShare on Google+Email this to someoneShare on Tumblr

Reacties

  1. zegt

    Mooi blog! Vooral die laatste zin: “Maar waarom vergeefs wachten op een goddelijk teken als je zelf je leven bepaalt? ” is goed te onthouden in tijden van onzekerheid. Haha voor mij in ieder geval goed om te onthouden. Ik kijk uit naar je verhalen uit deze prachtige stad.

    • zegt

      Natuurlijk OZ, ik blijf schrijven! Bijvoorbeeld over de opmerking van de Juf op de internationale school dat niet ieder meisje in mijn dochters toekomstige klas elke dag in Louis Vuitton rondloopt. En het briefje op het mededelingenbord waarin ouders werd gevraagd de nanny erop te attenderen dat ze niet pas een half uur na sluitingstijd van de school de kinderen op kan komen halen. En ik ben er pas een uur geweest. Het wordt een feest!

  2. zegt

    Gefeliciteerd, Vrouwke! Ik zou er zelf niet toe kunnen komen want ik barst van de heimwee uit mijn bloedaders, maar ik kan het wel goed begrijpen.
    Je zei onder meer dat ook de Franse muziek je aantrok, toen je voor het eerst naar Parijs kon. Het Fganse Chganson, neem ik aan. Maar dat was toch alweer jaren daarvoor? Brassens, Gréco, Dalida etc.? In elk geval komt er heden ten dage niets meer uit Frankrijk op muzikaal gebied, zelfs in de heavy metal music hebben ze niets te bieden.
    Maar wat ik je wilde vragen.
    Je houdt natuurlijk je eigen blog. Of niet? Ja natuurlijk houd je die. Of je begint een nieuw blog ‘Parijse notities’ bijvoorbeeld. Maar we horen toch nog wel van je? Je plaatst toch nog wel stukken in Nurks bijvoorbeeld?
    Max zal je hierover ook nog wel gaan schrijven, maar het zou enorm jammer zijn voor Nurks als je weg zou zijn, en ik zou het ook enorm jammer vinden.

    • zegt

      Dank je Ben! Ik ben zelf ook nogal een heimwee-type, dus ik zal er zo nu en dan vast last van hebben. Maar ik blijf schrijven om mezelf gezond te houden. Max mailde mij inderdaad al en ik blijf natuurlijk gewoon ook voor Nurks schrijven. Mijn produktie is wat laag de laatste tijd. Dat komt dus vooral door het gedoe rond de aanstaande verhuizing. Wat betref Franse muziek: in mijn pubertijd was ik dol op op die jaren 60/70 Franse chansons, die je nu niet meer hoort. Ja, je kunt Carla Bruni horen zuchten, maar da’s niet wat ik bedoel. Later was ik ook nogal gecharmeerd van Patrick Bruel. Maar dat had niet alleen met z’n liedjes te maken.

  3. zegt

    Mooi! Ik snap heel erg goed je vraagtekens, maar ik hoop van harte voor je dat het nieuwe leven in Parijs het ritme van Dutronc’s Paris s’eveille met zich meebrengt. En dan laat je je lekker meeslepen..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *